Ruurd Feenstra’s De mannen van de Discus (1967)

De jeugdboekenserie rondom de familie Hiddes en de fantastische uitvindingen van vader Tjeerd waren vanaf 1967 een inspirerende leesbron voor veel kinderen die weg konden dromen over verre landen, grote helden en technische vooruitgang. In het eerste deel, De mannen van de Discus, komt professor Tjeerd Hiddes vrij na een gevangenisstraf voor een misdaad die hij niet heeft gepleegd. In zijn gevangenisperiode heeft hij enkele grote uitvindingen gedaan, die hij met hulp van zijn zoons gaat gebruiken om de wereld te verbeteren en wraak te nemen op hen die hem in de gevangenis hebben gestopt.

Lees verder

Don Lawrence’s Storm (1978)

Was Don Lawrence al niet meer uit het tijdbeeld weg te krijgen met de epische stripserie Opkomst en ondergang van het keizerrijk Trigië, met Storm deed hij het allemaal nog eens dunnetjes, maar nog veel fantasierijker, over. De serie begon in 1978 bij uitgeverij Oberon met het album De diepe wereld, waarin Storm, een astronaut uit de toekomst, na een ongelukkige onderzoeksvlucht op de planeet Jupiter, op een zeer veranderde Aarde nog veel verder in de toekomst belandt. De Aarde is veranderd in een woestenij, waarin de oceanen volledig zijn verdampt. Het volk van de toekomst is teruggevallen tot het barbarisme, op uitzonderingen na waar technologie hoogtij viert.

Lees verder

Franquin’s Z van Zwendel (1971)

Hoewel het al deel 15 uit een reeks was, was het stripalbum Z van Zwendel een gedenkwaardige kennismaking met De avonturen van Robbedoes en Kwabbernoot. Het stripalbum kwam in 1971 uit en belande omstreeks die tijd in mijn toen 5-jarige handen. Ik heb er mogelijk enkele jaren over gedaan om het duistere verhaal op waarde te schatten en kan me een regelmatige hernieuwde kennismaking met de vrienden Robbedoes, Kwabernoot, de professor en Marsipulami dan ook nog prima voor de geest halen. Het album bevatte zoveel verhaallijnen, concepten en vreemde vindingen dat iedere illustratie de moeite van het uitpluizen waard was. En humor. Onderbroekenlol tot aan intelligente vondsten en alles daartussenin.

Lees verder

Walt Disney’s Weet je veel handboek (1976)

Iedere Donald Duck liefhebber kent de drie neefjes Kwik, Kwek en Kwak. De drie halen veel van hun wijsheid uit het Jonge Woudlopers Handboek, dat voor ieder probleem een oplossing schijnt te hebben. In 1976 bracht Oberon, uitgever van het weekblad Donald Duck, een 189 pagina’s dik ‘handboek vol tips, feitjes, spelletjes, enz.’ uit met de titel Weet je veel. En geheel in tegenstelling tot wat je zou verwachten stond het vol met tips, feitjes en spelletjes en was het geen stripalbum. Ik kreeg het boek als 9-jarige en heb het boek werkelijk jarenlang gekoesterd. Iedere bladzijde bevatte meerdere artikelen en sommige die nog te lastig waren voor een 9-jarige kwamen een jaar later goed van pas.

Lees verder

Isaac Asimov’s Foundation (1951)

Foundation begint met wiskundige Hari Seldon die leeft in de nadagen van het Eerste Galactische Keizerrijk, dat 10.000 jaar bestaan heeft en ongeveer 50.000 jaar in onze toekomst ligt. Zijn Psychohistorische wetenschap maakt het mogelijk om lange termijn voorspellingen te doen over grote groepen mensen. Seldon ontdekt dat binnen een paar eeuwen het Keizerrijk ten onder zal gaan, wat ook niet meer te voorkomen is en ontwikkelt een visie waarmee de lange donkere periode die daarop zal volgen aanmerkelijk verkort kan worden. Hij ontdekt tevens dat als de mensheid vroegtijdig wordt geïinformeerd over de resultaten van Psychohistorische voorspellingen, deze voorspelling dan niet meer uitkomt omdat de mensen zich dan onvoorspelbaar gaan gedragen.

Lees verder

Jacques Devos’ Geniale Olivier (1969)

Mr. Kweeniewa en Geniale Olivier is een Belgische stripreeks door Jacques Devos die vanaf 1969 werd uitgegeven. Devos schreef 17 albums en ging daarna met pensioen. De stripreeks gaat over de scholier Olivier die met zijn uitvindingen elke pagina opnieuw zijn omgeving op stelten zet. Zijn leraar, meneer Kweeniewa, heeft de grootse moeite om Olivier in toom te houden. Olivier heeft een vriendinnetje, Betty, die al zijn fratsen maar niets vindt. Oliviers beste vriend heet Frits en die is met regelmaat het slachtoffer van één van Oliviers uitvindingen.

Lees verder

Don Lawrence’s Opkomst en ondergang van het keizerrijk Trigië (1968)

Trigië is een stripreeks van Don Lawrence, naar het scenario van Mike Butterworth. De serie heet volledig Opkomst en ondergang van het keizerrijk Trigië en verhaalt een fictieve geschiedenis die wel wat wegheeft van de geschiedenis van het Romeinse rijk, zij het dan op een andere planeet in een vergevorderde beschaving. Trigië speelt zich af op de verafgelegen planeet Elekton in het Yarna-stelsel, miljarden kilometers van de Aarde. Het verhaal begint als een ruimteschip met geschiedenisboeken van Elekton op de Aarde neerstort. Op dat moment zijn alle Trigiërs al gestorven. Het lukt een wetenschapper de taal te ontcijferen en de verhalen van Trigië voor de mensen op Aarde te ontsluiten.

Lees verder

Roger Leloup’s Yoko Tsuno (1971)

Yoko Tsuno is een serie stripverhalen van de Belgische tekenaar Roger Leloup. Het karakter Yoko Tsuno is in de stripverhalen een Japanse elektrotechnische ingenieur die zich moeiteloos tussen de Nederlandse en Japanse cultuur verplaatst, en ook niet vreemd is van buitenaardse culturen. Samen met haar vrienden Ben en Paul, die in de strip televisiemakers zijn, lost zij misdaden op. In de strip wordt veel aandacht besteed aan toekomstige technologieën en grootse uitvindingen. Ook komen tijd- en ruimtereizen in de stripserie voor.

Lees verder

Leonard de Vries’ Het Jongens Electriciteitsboek (1941)

Leonard de Vries was een echte jeugdboekenschrijver met een voorkeur voor techniek. Vele boeken over technische onderwerpen kwamen van zijn hand, zo ook Het Jongens Electriciteitsboek uit 1941. De onderdrukking van Duitsland had gevolgen voor Joodse schrijvers en De Vries gebruikte daarom het pseudoniem Fred Hagenaar om toch zijn boeken te kunnen blijven publiceren. Dit boek staat bol van de technologische hoogstandjes, afgemeten aan de stand van de techniek in die tijd. Niet alle ideeën en schakelingen waren allemaal even uitvoerbaar of veilig. De Vries leek soms beter met de pen dan met de soldeerbout.

Lees verder

Steven Levy’s Insanely Great (1995)

In de vroege jaren ’80 kwamen geruchten op gang over een uitnodigende kleine persoonlijke computer dat iets als ‘een muis’ had en naar je lachte als je hem aanzette. Journalist Steven Levy maakte de ontwikkeling van de Macintosh van dichtbij mee en verhaalt zijn ervaringen over de machine waarvan de makers van Apple hoopten dat het “een deuk in het universum zou maken.” Een fantastisch verhaal en ook na 35 jaar is dit boek de moeite van het lezen meer dan waard.

Lees verder

Rodnay Zaks’ How to program the Z80 / Programming the Z80 (1979)

Zaks heeft het boek ontworpen als een volledig zelfstandige manier om vertrouwd te raken met het programmeren in het algemeen en assembleren voor de Zilog Z80 microprocessor in het bijzonder. De Z80 is een 8 bit processor, die werd ontworpen door het bedrijf Zilog. Hij werd uitgebracht in 1976 en is in essentie een processor die compatibel is met de 8080 van Intel, maar met meer instructies, registers en adresseringsmethoden. In het boek van Zaks komen dan ook verschillende verhandelingen over het werken met de 8080 voor.

Lees verder

Jones’ & Flynn’s Mobile Robots (1993)

Het boek Mobile Robots van Joseph Jones en Anita Flynn uit 1993 heeft een enorm effect gehad op de ontwikkeling van kleine programmeerbare robots. Jones en Flynn namen met hun boek de tijd om de lezer mee te nemen in de wereld van de mechanica, elektrotechniek, elektronica, chemie, sensoriek, gedragswetenschap en informatica op zo’n manier, dat iedere hobbyist na het lezen van het boek in staat was om zelf een eenvoudige, zelfstandig opererende robot te maken.

Lees verder

Your Computer (1981)

Your Computer was een in Engeland gepubliceerd computertijdschrift dat van 1981 tot 1988 werd verkocht. Het voerde het zelfverklaarde “Britain’s Biggest-Selling Home Computer Magazine” op de voorzijde. Het tijdschrift was merk-agnostisch; aan alle populaire home computers van die tijd werd evenveel tijd en aandacht besteed.

Lees verder

Creative Computing (1974)

Creative Computing was één van de eerste van vele computertijdschriften in de jaren ’70 en ’80 die verslag deed over de microcomputer revolutie. Het eerste nummer kwam uit in oktober 1974 en het tijdschrift publiceerde tot oktober 1985. Creative Computing was een degelijke publicatie met een breed interessegebied dat uitgebreider en meer toegankelijk werd beschreven dan bij bijvoorbeeld Byte het geval was.

Lees verder