Walt Disney’s Weet je veel handboek (1976)

Iedere Donald Duck liefhebber kent de neefjes Kwik, Kwek en Kwak. De drie halen veel van hun wijsheid uit hun Jonge Woudlopers Handboek, dat voor ieder probleem een oplossing schijnt te hebben. In 1976 bracht Oberon, uitgever van het weekblad Donald Duck, een 189 pagina’s dik ‘handboek vol tips, feitjes, spelletjes, enz.’ uit met de titel Weet je veel. En geheel in tegenstelling tot wat je zou verwachten stond het vol met tips, feitjes en spelletjes en was het geen stripalbum. Ik kreeg het boek als 9-jarige en heb het boek werkelijk jarenlang gekoesterd. Iedere bladzijde bevatte meerdere artikelen en sommige die nog te lastig waren voor een 9-jarige kwamen in de jaren daarna wel eens van pas.

Een hardcover boek met bijna tweehonderd pagina’s wetenswaardigheden, goed ge├»llustreerd en toegankelijk geschreven is niet eenvoudig te schrijven of te maken. Inhoudelijk staan de artikelen op een hoog niveau en veel van de illustraties, of misschien zelfs alle, zijn nieuw voor dit boek gemaakt, getuige de hoge kwaliteit van het drukwerk. Disney figuren zijn hier figuranten en worden bijna nooit onderdeel van het artikel. En hoewel het boek duidelijk als ‘Jonge Woudlopers Handboek’ is bedoeld, wordt het niet zo genoemd. De auteurs van het boek hebben mogelijk een boek gemaakt dat ze zelf graag hadden willen hebben, met Yvan Delporte als scenarist, Eddy Ryssack als illustrator en Jacques Busquet als technisch adviseur. Yvan Delporte kennen we ondermeer als schrijver van De Smurfen en co-auteur van Guust Flater en Eddy Ryssack als all-round illustrator die ondermeer de strip Opa in de Eppo maakte.

Het is niet onmogelijk dat de opmaak van dit boek een rol gespeeld heeft in mijn latere interesse in vormgeving: de bladspiegel-uitvulling had bij de opmaak van dit boek een hogere prioriteit dan een consistente vormgeving, hetgeen me ook op 9-jarige leeftijd al flink dwarszat. De afstand tussen koppen en tekst varieerde met de resterende vrije bladruimte en te pas en te onpas werden alinea’s afgebroken op willekeurige plaatsen om nog maar een extra regel aan het eind van de pagina te verkrijgen. Ook de regeluitvulling is schrijnend: op sommige regels zitten grote gaten in de tekst vanwege de ingevoegde witruimte. Een eventuele herdruk zou veel baat hebben bij een beter lettertype en wat liefdevol opmaakwerk.

Apple’s transitie van PowerPC naar Intel (2005)

De Apple Macintosh in 2005 had een PowerPC microprocessor waarop het Mac OS X 10.4 Tiger draaide. Tijdens de Worldwide Developers Conference in 2005 kondigde Steve Jobs aan dat er een transitie zou gaan plaatsvinden van de Freescale PowerPC processoren naar Intel Pentium microprocessoren. De belangrijkste redenen hiervoor waren snelheid en energieverbruik: de Pentium processoren waren aanzienlijk krachtiger dan de PowerPC processoren bij een lager stroomverbruik. En hoewel bij de aankondiging nog 2 jaar werd genoemd, ging de feitelijke transitie veel sneller en waren in 2007 de meeste Macs met een Intel processor verkrijgbaar.

De transitie van PowerPC had verstrekkende gevolgen. Zo moest Apple het besturingssysteem OS X geschikt maken voor een andere processor, moest nieuwe hardware ontwikkeld worden, moesten de ontwikkelaars voorzien worden van tijdelijke Intelgebaseerde Macs om hun software om te kunnen zetten naar de nieuwe architectuur, moesten de developers voorzien worden van alle tools om dit voor elkaar te krijgen en moest gezorgd worden voor een voorziening dat niet alle bestaande Macs ineens onbruikbaar zouden worden.

Apple had de transitie echter goed voorbereid en had zelf in het grootste geheim al jaren een versie van OS X in gebruik die op Intel was gebaseerd. Developers kregen daarom bijna direct de beschikking over Intel hardware en de tools die nodig waren om hun software om te zetten. Apple had een speciale simulator gemaakt, Rosetta, die PowerPC programma’s liet uitvoeren op een Intel microprocessor. Deze simulator maakte de programmaverwerking van oudere programma’s langzamer, maar door de extra snelheid van de Intel processoren was het netto effect een gelijke verwerking als op de oude PowerPC microprocessoren.

De transitie van PowerPC naar Intel was overigens niet de eerste keer dat Apple een verandering van de CPU architectuur doorvoerde: eerder was al overgegaan van de 68000 processor van Motorola naar de PowerPC van IBM.

Chris Carter’s Millennium (1996)

In de televisieserie MillenniuM is Frank Black een consultant met de gave om in de gedachtenwereld van misdadigers te kijken. Zelf noemt hij deze gave geen bovennatuurlijke kracht, maar de Millennium Group waarvoor hij werkzaam is maakt er dankbaar gebruik van om onderzoek te doen naar potentieel wereld-eindigende rampen en complotten. Maker Chris Carter zou na drie seizoenen MillenniuM een nieuwe televisieserie het licht laten zien: The X-Files met een soortgelijke opzet en verhaallijn.

NASA’s Skylab (1973)

Meer dan een verzameling overgebleven onderdelen van eerdere Apollo missies, tegen de zon beschermd door goudkleurige reflecterende zeilen en van stroom voorzien door een partij zonnecellen die als molenwieken zijn gemonteerd zijn lijkt het in eerste instantie niet. Toch is Skylab een belangrijke reden dat er een International Space Station bestaat en zag het leven in Skylab er voor de aanwezige astronaut er niet gek veel anders uit dan voor de huidige bewoners van ISS.

Skylab (illustratie NASA)

Het grootste deel van Skylab wordt gevormd door een omgebouwde ‘S-IVB’ derde trap van een Saturn V raket, waarvan de raketmotor was verwijderd. Er waren twee S-IVB’s omgebouwd door Douglas Aircraft Company: eentje werd als proefmodel in het NASA opleidingscentrum neergezet en eentje ging als onderdeel van een Saturn V lancering mee de ruimte in. Deze Saturn V bevatte verder geen lading, waardoor de derde trap niet als stuwmotor gebruikt hoefde te worden. Met latere lanceringen werden de noodzakelijke reparaties uitgevoerd, waaronder de bevestiging van reflectieschermen en extra zonnepanelen. Ook werden een luchtsluis, aanmeerpoort en telescoop gemonteerd.

S-IVB Rocket 3rd Stage (foto NASA)

Skylab gaf steeds ruimte aan drie astronauten, die maximaal voor 40 dagen in de ruimte bleven. Er zijn drie bemande missies naar Skylab geweest, voordat Skylab in 1979 aan z’n lot werd overgelaten en in de dampkring tot verbranding kwam.